Voorleeswedstrijd & Film
📅Datum: 6 februari
📍Start locatie: Academie Tien
🕒Vertrek- en terugkomtijden van start locatie:
ℹ️
Neem je eigen lunch en flesje water mee.
Spandoek om je klasgenoot te supporten.
Waarom gaan we dit doen?
In deze periode beantwoorden we de vraag: wat maakt verhalen bijzonder? Door het beantwoorden van deze vraag maken we kennis met verschillende manieren waarop verhalen verteld kunnen worden. In de lessen lezen we individueel een boek, lezen we voor uit die boeken en gezamenlijk kijken we naar een boekverfilming. Daarnaast werken we ook aan het ontwikkelen van je eigen leesvoorkeuren. We haken daarbij vooral aan op de ontwikkeling van je eigen identiteit: welke verhalen spreken jou aan en hoe kan jij je inleven in verschillende personages?Wat gaan we doen?
Tijdens deze dag gaan we op twee manieren aan de slag met het beantwoorden van de grote vraag. We maken kennis met twee manieren om verhalen te vertellen: het voorlezen van verhalen en het kijken van een boekverfilming. Op het voorlezen van de verhalen bereiden we ons in de lessen voor door allemaal een stukje uit ons boek voor te lezen en er wat over te vertellen. Na de voorleeswedstrijd gaat de beste voorlezer verder naar de finales van Utrecht.Ook op het kijken van de boekverfilming bereiden we ons in de les voor. In een voorbereidende les kijken we naar het begin van de film en naar de keuzes die de regisseur daarin gemaakt heeft. Daarna kijken we de volledige film. In een latere les lezen we fragmenten uit het boek en vergelijken we deze met de film.
Door kennis te maken met verschillende vertelvormen, het vergelijken ervan en het bedenken wat jouw eigen voorkeur heeft, kunnen we uiteindelijk de vraag beantwoorden wat verhalen bijzonder maakt.
Wat heb je geleerd?
Na afloop van de periode en de Academie Tien-tweedaagse heb je de volgende leerdoelen behaald:Ik kan aangeven in welke fictievormen in geïnteresseerd ben;
Ik kan jeugdliteratuur lezen in alledaagse taal, met een eenvoudige structuur, waarin spannende of dramatische gebeurtenissen elkaar snel opvolgen;
Ik kan me verplaatsen in een personage en uitleggen hoe een personage zich voelt;
Ik kan verschillen tussen fictievormen benoemen en uitleggen;
Ik kan uitleggen wat het effect is van de verschillende fictievormen op de lezer, luisteraar of kijker;
Ik kan verschillen tussen een boek en een boekverfilming benoemen;
Ik kan uitleggen wat het effect is van verschillen tussen het boek en de boekverfilming op de lezer of kijker.
Naast de opdrachten die je in de lessen bij Nederlands maakt, schrijf je ook een reflectieopdracht voor in jouw portfolio. Je kiest hierbij één van de kernwaarden van school:
Verwondering: waarover heb jij je verwonderd bij het lezen van je eigen boek, het luisteren naar het voorlezen of het kijken van de boekverfilming?
Zelfkennis: Wat heb je afgelopen periode ontdekt over je eigen leesvoorkeuren?
Gemeenschap: hoe helpt het lezen, luisteren of kijken van een verhaal jou om je te verplaatsen in een ander?
Veel succes en plezier!